Gastrostomiekatheter

Een gastrostomiekatheter is een voedingssonde die een vervanger is van de PEG sonde. Deze sonde heeft een ballonnetje gevuld met water in de maag en moet om de 3 a 6 maanden vervangen worden. Daarmee wordt de sonde op zijn plaats gehouden.

Hoe ziet een gastrostomiekatheter eruit?

Het ballonventiel

Het ballonnetje wordt met water gevuld en geleegd via het ballonventiel (gekleurde dopje met aantal milliliters erop). In dit ventiel bevindt zich een mechanisme dat ervoor zorgt dat het water niet zomaar uit de ballon kan terug lopen. Dit ballonnetje kan in de maag of darm zitten en houdt de sonde op zijn plaats. Het ventiel mag alleen gebruikt worden bij het controleren van de balloninhoud en bij het vervangen van de gastrostomiekatheter. Er mag nooit voeding of medicijnen via dit ventiel gegeven worden.

De toedieningspoort

Via de toedieningspoort kan sondevoeding gegeven worden met een spuit of via een toedieningssysteem.

Foto van een Gastrostomiekatheter
Gastrostomiekatheter

De indicatiestelling voor het plaatsen van een gastrostomiekatheter (klinisch of poliklinisch) gaat altijd in overleg met de behandeld arts, verpleegkundig consulent voeding en de MDL-arts.

Van een PEG sonde naar een gastrostomiekatheter: voor het verwisselen van een PEG naar een gastrostomiekatheter moet de PEG sonde eerst endoscopisch worden verwijderd. Belangrijk is om tot 6 uur voor het verwisselen van de PEG sonde niet meer te eten en tot 3 uur voor het verwisselen van de sonde niet meer te drinken of sondevoeding toe te dienen.

Verwijderen van de PEG (en het plaatsen van de gastostomiekatheter) gebeurt op de functieafdeling MDL B-1 van Ziekenhuis Gelderse Vallei en zal gebeuren onder een roesje, zodat u weinig van de wissel merkt. De maag-, darm-, leverarts verwisselt de sonde. Eerst wordt de PEG-sonde endoscopisch (met behulp van een kijkbuis) verwijderd. De PEG sonde wordt aan de buitenkant dichtbij de buik afgeknipt en de rest van de sonde, dat nog in de maag zit, wordt met behulp van de kijkbuis uit de maag gehaald. Daarna wordt van buitenaf de gastrostomiekatheter ingebracht.

Het verschil tussen de PEG sonde en de gastrostomiekatheter is dat er geen plaatje in de maag of darm zit, maar een ballonnetje dat gevuld wordt met water. Hierdoor is het mogelijk om deze sonde van buitenaf in te brengen. Endoscopie is voor het verwisselen van de sonde niet meer nodig.

De verzorging van de gastrostomiekatheter lijkt veel op de verzorging van de PEG sonde. Het dagelijks schoonmaken van de huid rondom de sonde kan gewoon met water tijdens de douche- of wasbeurt.

Werkwijze

  • was de handen
  • controleer de insteekopening op roodheid, harde plekken, pusafscheiding en eventuele andere bijzonderheden
  • maak de insteekopening en gastrostomiekatheter schoon met natte gaasjes. Maak schoon onder de douche of gebruik bij elke veegbeweging een nieuw schoon en nat gaasje
  • droog de huid zorgvuldig met een handdoek of een gaasje. De gastrostomiekatheter hoeft niet verbonden te worden wanneer het insteekopening droog is
  • bij gebruik van een gaasje: pak het splitgaas bij de punten vast en leg dit rond de gastrostomiekatheter, tussen het insteekopening en gastrostomiekatheter
  • was en/of desinfecteer de handen

 Indicaties voor vervanging van de gastrostomiekatheter

  • Vraag bij de firma, die de sonde thuis geleverd heeft, na hoe lang de sonde kan blijven zitten. Verwissel de sonde aan hand van wat de fabrikant voorschrijft
  • Zorg dat bekend is welke sonde het betreft (afkorting CH of FR). Zorg dat u altijd een reservesonde bij u heeft. Wanneer de sonde is gewisseld, zorg dan direct voor een nieuwe reservesonde. Deze wordt geleverd door het facilitair bedrijf

Benodigdheden klaarleggen

  • 2 steriele 5 ml spuitjes gevuld met water
  • gaasjes
  • nieuwe gastrostomiekatheter
  • glijmiddel op waterbasis

Werkwijze

  • was de handen
  • duw en draai (dompelen) de sonde naar binnen om te kijken of de sonde niet vastzit aan de maagwand
  • trek met het 5 cc spuitje de ballon leeg via het ventiel en trek het water uit de ballon
  • maak de insteekopening schoon
  • verwijder de gastrostomiekatheter uit de insteekopening en geef gelijktijdig tegendruk op de insteekopening met een gaasje
  • plaats de nieuwe sonde in het fistelkanaal en duw deze een aantal cm naar binnen
  • blaas de ballon op
  • trek de sonde naar buiten
  • bevestig het externe fixatie plaatje tegen de buikwand aan
  • noteer de soort sonde en de datum van plaatsing
  • zorg dat er altijd een reserve sonde aanwezig is bij u
  • was en/of desinfecteer de handen

Verwissel de sonde bij voorkeur tijdens kantooruren. Mochten er problemen zijn of de wissel niet lukken, dan is er een verpleegkundig consulent voeding aanwezig voor overleg.

 

Gebeurt door middel van bolussen via de maag.

  • dompel en draai de sonde na 14 dagen dagelijks 5 tot 10 cm naar binnen. Hiermee wordt voorkomen dat het ballontje in het maagslijmvlies vast gaat groeien
  • maak het fixatieplaatje los en duw de sonde naar binnen. Trek de sonde weer aan en fixeer het fixatieplaatje weer tegen de buikwand aan met 5 tot 10mm tussenruimte

Fixatieballon is lek

  • als de fixatieballon lek is, kan de sonde uit het fistelkanaal vallen
  • plak de sonde vast met een pleister op de buik en zorg zo snel mogelijk voor een nieuwe gastrostomiekatheter

De gastrostomiekatheter is onbedoeld verwijderd

  • probeer de katheter terug te plaatsen door het fistelkanaal. Blaas de ballon niet op. Fixeer de ballon met een pleister op de buikwand
  • neem contact op met de verpleegkundig consulent voeding of dienstdoende MDL-arts
  • lukt het niet om de katheter te plaatsen door het fistelkanaal, neem dan zo snel mogelijk contact op met de verpleegkundig consulent voeding of met de dienstdoende MDL-arts. Ook in het weekend of ’s nachts

Let op: Gebruik geen kleiner spuitje dan 10 cc om de sonde open te krijgen. Kleinere spuitjes kunnen de druk in de sonde zo verhogen dat er een gaatje in de sonde kan komen.

Overige complicaties

 Neem contact op met verpleegkundig consulent voeding bij volgende verschijnselen:

  • lekkage langs de sonde
  • irritatie van het fistelkanaal
  • ontsteking van het fistelkanaal
  • hypergranulatieweefsel
  • buried bumper
  • drukplekken van de sonde

Probeer zo min mogelijk fijngemalen medicatie door de sonde te geven, maar overleg met de apotheker welke medicatie omgezet kan worden om het risico op verstopping van de sonde tot een minimum te beperken.

Preventie

  • 1 x daags doorspoelen 30 cc lauwwarm water

Bij verstopping:

  • probeer de sonde door te spuiten met een 20 ml spuit met lauwwarm water. Maak een pompende beweging met de spuit
  • rol de sonde eens door de vingers als de voeding aangekoekt is. Spuit door met lauwwarm water en herhaal dit nogmaals
  • probeer na te gaan waardoor de verstopping is veroorzaakt. Als medicatie de oorzaak is van de verstopping, dan moet er vaak een nieuwe sonde geplaatst worden
  • Is de sonde verstopt door sondevoeding, dan kan de verstopping vaak opgeheven worden door bovenstaande methoden
  • alleen bij de neusmaagsonde met neuspleister: maak de neuspleister los en trek deze 5 cm. Spuit de sonde nog eens met lauwwarm water door. Maak een pompende beweging met de spuit
  • wanneer het niet lukt de verstopping op te heffen: laat de sonde zitten en neem contact op met de verpleegkundig consulent voeding
  • gebruik voor het ontstoppen alleen lauwwarm water, mespuntje bakingsoda opgelost in een 20ml Enfit spuit of Natriumbicarbonaat 4,2%

Let op: gebruik geen kleiner spuitje dan 10 cc om de sonde open te krijgen. Kleinere spuitjes kunnen de druk in de sonde zo verhogen dat er een gaatje in de sonde kan komen.

Let op: zet het witte klemmetje alleen dicht als de sonde gemanipuleerd moet worden. Zet deze anders altijd open. Als het klemmetje vaak gesloten wordt, kunnen er gaatjes of beschadigingen ontstaan waardoor de sonde sneller verwisseld moet worden.

  • zorg altijd voor een reserve sonde. Neem deze altijd mee, ook bij opname in het ziekenhuis
  • zorg ervoor dat de huid onder de het fixatieplaatje na het douchen of wassen goed wordt afgedroogd
  • spuit de sonde na het geven van voeding of medicatie door met 30 ml lauwwarm water
  • houd de afstand tussen de buik en fixatieplaatje in de gaten. Als de sonde te strak zit, kan dit drukplekken geven. Zit de sonde echter te ruim, dan kan dit lekkage geven, en kan het fistelkanaal geïrriteerd raken waardoor infectie en lekkage kan ontstaan
  • bij verlies van de gastrostomiekatheter is het van belang om zo snel mogelijk weer een sonde terug te plaatsen. De insteekopening kan binnen een paar uur dicht groeien. Als er geen andere gastrostomiekatheter voor handen is, stop dan de lekke gastrostomiekatheter zo spoedig mogelijk terug in de insteekopening en plak deze vast op de buik. Bestel dan alsnog een nieuwe gastrostomiekatheter. Let op: stop de toediening van sondevoeding. Omdat de ballon niet gevuld is, kan lekkage ontstaan
  • lees op de verpakking van de fabrikant hoe lang deze kan blijven zitten
  • als er geen voeding wordt toegediend is 1x per dag doorspuiten met 30 ml lauw water voldoende