Longembolie

Bij een longembolie wordt een slagader in de longen ineens afgesloten. Het deel van de long dat daarachter ligt, krijgt dan te weinig of helemaal geen bloed meer. Hierdoor krijgt de patiënt het benauwd.

Oorzaak longembolie

De oorzaak van een longembolie is een bloedprop die een (slag)ader van uw longen blokkeert. Een bloedprop is bloed dat gestold is. De prop zit meestal eerst ergens anders in het lichaam. Bloedstolsels komen voor in de grotere aderen. Dit heet trombose. Als er een stukje losschiet van dit bloedstolsel, wordt dit meegevoerd door het bloed. Via het bloed komt dit in de longen terecht.

Als de prop groot is, blijft hij hangen in uw longslagader. Hoe ernstig dit is, hangt af van waar de prop blijft hangen en welk gebied in de longen minder bloed krijgt. Omdat de longslagader zich steeds verder vertakt, zijn de gevolgen het grootst als de prop al vroeg blijft hangen. De prop blokkeert dan namelijk ook alle vertakkingen die daarna komen.

Klachten longembolie

Iemand met een longembolie is plotseling benauwd en kortademig. Ook heeft hij of zij pijn bij het ademen. Deze pijn wordt erger als de patiënt diep inademt. De plaats waar hij of zij deze pijn voelt, hangt af de plek van het bloedpropje. En van hoe groot het afgesloten gedeelte van de longen is.

Hoe komen we erachter?

Vaak maakt het verhaal van de patiënt al duidelijk dat het om een longembolie gaat. Met bloedonderzoek kunnen we zien of bepaalde bloedwaarden zijn verhoogd. Om te kijken of er een afsluiting in de longslagaders zit, maken we vaak een CT-scan.

Behandeling longembolie

Een bloedpropje in de longen is gevaarlijk. Bloed heeft namelijk de neiging om samen te klonteren. Daardoor kan de afsluiting zich uitbreiden. Een groot deel van de longen komt dan zonder bloed te zitten. De patiënt kan in ademnood komen. Soms komen patiënten aan de beademing te liggen, zodat zij toch voldoende zuurstof krijgen. Met bloedverdunnende medicijnen proberen we te voorkomen dat het bloedpropje groter wordt. Het bloedpropje zelf moet worden afgebroken door het lichaam. Dit duurt vaak lang. Daarom moeten patiënten een tijd met de medicijnen doorgaan, ook als ze weer thuis zijn.