Standscorrectie been

Door een afwijkende stand van een been kan de knie aan een kant te snel slijten. Soms is de slijtage een gevolg van het ouder worden.

O-benen geven slijtage aan de binnenzijde van de knie. Deze standsafwijking komt het meest voor. De minder voorkomende X-benen geven slijtage aan de buitenzijde van de knie. De afwijkende stand van een been kan het gevolg zijn van een groeistoornis, een gebroken been of een operatie aan de meniscus die op jonge leeftijd is uitgevoerd.

Klachten van een afwijkende beenstand

De slijtage in het kniegewricht geeft pijn bij de dagelijkse activiteiten en bij het sporten. Ook 's nachts kunt u pijn hebben. De knie kan dik worden en soms zijn bepaalde bewegingen minder goed mogelijk.

Diagnose

De arts doet lichamelijk onderzoek en laat een röntgenfoto [LINK] maken. Daarop zijn de standsafwijkingen goed te meten.

Behandeling van een afwijkende beenstand

Er zijn verschillende behandelingen mogelijk:

  • medicatie (pijnstilling)
  • fysiotherapie
  • bandages
  • operatie

Als de andere behandelingen onvoldoende resultaat geven, zal de arts een operatie adviseren. De operatie om de stand van het been te veranderen heet osteotomie. U kunt zich na de operatie al snel weer beter bewegen en u heeft veel minder pijn. Na 5 jaar is 80 procent van de patiënten nog steeds tevreden met het bereikte resultaat. De slijtage aan de knie stopt zo voor enkele jaren, waardoor u minder snel een knieprothese nodig heeft.

Het kniegewricht bestaat uit drie botdelen; het onderbeen, het bovenbeen en de knieschijf. De uiteinden hiervan zijn bedekt met een laag kraakbeen, die ervoor zorgt dat de knie soepel en pijnloos beweegt. Deze kraakbeenlaag kan bij slijtage dunner worden en zal op den duur zelfs geheel verdwijnen zodat het onderliggende bot bloot ligt. Hierdoor gaan pijnklachten ontstaan. We spreken dan van artrose van het gewricht.

Een gewricht slijt niet van de ene op de andere dag. Slijtage kan voorkomen in alle gewrichten van het menselijke lichaam, dus ook in het kniegewricht. De degeneratie/slijtage of ontstekingsreacties tasten het gewrichtsoppervlak aan. Door slijtage wordt de gladde kraakbeenlaag van het gewricht aangetast en kan het voorkomen dat de kraakbeenlaag uiteindelijk helemaal verdwijnt. Een dergelijke slijtage kan worden veroorzaakt door een beschadiging van het gewricht, maar is ook te beschouwen als een normale veroudering.

Er kunnen echter ook andere oorzaken zijn zoals reumatische ziekten. Wanneer een breuk niet in een goede stand is genezen kan dit ook de oorzaak zijn van een vervroegde slijtage. Wanneer het kniegewricht ernstig is beschadigd of versleten, is soms de vervanging door een knieprothese de enige oplossing.

Klachten kunnen zijn:

  • stijfheid bij het opstaan, startpijn
  • moeilijk kunnen lopen, of lang staan
  • niet kunnen traplopen
  • knie niet meer kunnen strekken
  • ook kan zich een X- of O- beenstand ontwikkelen, waarbij de knie in toenemende mate moe en instabiel aanvoelt

De ernst van de aandoening wordt vastgesteld door lichamelijk onderzoek, röntgenfoto en eventueel met een kijkoperatieet kniegewricht bestaat uit drie botdelen; het onderbeen, het bovenbeen en de knieschijf. De uiteinden hiervan zijn bedekt met een laag kraakbeen, die ervoor zorgt dat de knie soepel en pijnloos beweegt. Deze kraakbeenlaag kan bij slijtage dunner worden en zal op den duur zelfs geheel verdwijnen zodat het onderliggende bot bloot ligt. Hierdoor gaan pijnklachten ontstaan. We spreken dan van artrose van het gewricht

Het is mogelijk dat pijnstillers en fysiotherapie onvoldoende helpen. Een operatie is dan vaak de enige oplossing.