Schildklierpunctie

Bij een schildklierpunctie haalt de arts met een dunne naald cellen uit (een zwelling in) de schildklier.

Wat is een schildkliernodus?

Een schildkliernodus is een knobbel of zwelling in de schildklier. Meestal is zo’n nodus goedaardig. Echter om onderscheid te maken tussen een goedaardige of kwaadaardige nodus, kan de arts een schildklierpunctie bij u (laten) verrichten.

Hoe verloopt een schildklierpunctie?

De arts legt u eerst uit wat er gaat gebeuren. Daarna gaat u op een onderzoeksbank liggen. De arts houdt de zwelling vast en prikt erin met een dunne naald die gekoppeld is aan een spuit. Gedurende enkele seconden verkrijgt de arts de schildkliercellen door kleine bewegingen met de naald in verschillende richtingen. U wordt gevraagd tijdens het aanprikken van de zwelling zo stil mogelijk te blijven liggen en niet te slikken. U mag wel gewoon doorademen. De punctie kan gevoelig zijn, maar plaatselijke verdoving is meestal niet nodig.

Mogelijke complicaties

Het onderzoek verloopt meestal probleemloos. De punctieplaats kan gevoelig zijn en er kan een zwelling in de hals ontstaan. Dit gaat meestal vanzelf over. Zelden ontstaat er een plaatselijke bloeding. De kans op een bloeding is groter bij ziekten met verhoogde bloedingsneiging of bij gebruik van bepaalde medicijnen (bloedverdunners). Als u deze medicijnen gebruikt, dient u van tevoren te overleggen met uw arts of deze enkele dagen voor de punctie gestaakt moeten worden. Mocht u andere klachten krijgen, neemt u dan contact op met uw behandelend arts.