Cookie voorkeuren instellen

Wij gebruiken voor deze website cookies. Een cookie is een klein bestand dat wij meesturen met pagina's van deze website. Uw browser slaat deze op uw apparaat op. Wij gebruiken deze cookies om www.geldersevallei.nl zo gebruiksvriendelijk mogelijk te maken.

Lees meer over ons cookiebeleid.

NOAC’s even veilig als acenocoumarol

04 september 2015

Patiënten met een indicatie voor antistolling kunnen tegenwoordig ook behandeld worden met de nieuwe antistollingsmiddelen NOAC’s (dabigatran, apixaban, rivaroxaban). Complicaties, bloedingen en bijwerkingen van NOAC’s zijn vergeleken met het gebruik van acenocoumarol en fenprocoumon. Er zijn geen verschillen gevonden.

NOAC’s (non vit. K orale anticoagulantia) vormen een nieuwe klasse antitrombotica. De drie geregistreerde NOAC’s zijn de trombineremmer dabigatran (Pradaxa)en de factor-Xa-remmers apixaban (Eliquis) en rivaroxaban (Xarelto). De NOAC’s worden in een vaste dosering voorgeschreven en het gebruik staat niet onder controle van de trombosedienst. Patiënten die behandeld worden met NOAC’s, worden begeleid door de NOAC-poli.

 De NOAC-poli van Ziekenhuis Gelderse Vallei, opgericht door de afdeling cardiologie, bestaat nu een jaar. In dat jaar zijn 600 patiënten, na verwijzing door cardiologen, gestart met gebruik van NOAC’s. Op de NOAC-poli geeft de verpleegkundig specialist uitleg over atriumfibrilleren en gebruik van NOAC’s en wordt de therapietrouw beoordeeld. Verdere controle volgt na 3 maanden en na 1 jaar met daarbij Hb- en nierfunctiecontrole, dit is nodig voor eventuele aanpassing van dosering.

Samenwerking Trombosedienst Neder-Veluwe

Er is een goede samenwerking met de Trombosedienst Neder-Veluwe. Deze registreert de NOAC-gebruikers en benadert hen halfjaarlijks telefonisch om te vragen naar therapietrouw, gebruiksgemak, bijwerkingen en eventuele complicaties. Deze gegevens worden centraal geregistreerd.

Net zo veilig!

Het afgelopen jaar zijn de complicaties en bijwerkingen van NOAC’s vergeleken met de complicaties en bijwerkingen van medicatie die trombosedienstpatiënten krijgen (VKA’s: fenprocoumon en acencoumarol)). Hier in Ede zijn tot nu toe geen verschillen te zien tussen deze twee groepen patiënten, waarbij wel van belang is dat het nog niet geheel vergelijkbare patiëntengroepen betreft.

‘Dit is een heel mooi resultaat’ aldus cardioloog Frank den Hartog. ‘De Trombosedienst Neder-Veluwe levert goed werk: hun patiënten hebben minder bijwerkingen, bloedingen of complicaties dan geregistreerd in de grote internationale studies waarbij NOAC-gebruik is vergeleken met warfarinegebruik. De middelen lijken alhier even veilig mits we de patiënten goed selecteren.’

Stollingscontrole niet nodig

Uit onderzoek naar NOAC’s is gebleken dat NOAC’s het grote voordeel hebben dat er geen intensieve stollingscontroles in het laboratorium nodig zijn, een vaste dosering mogelijk is en dat er minder invloed is van eetgewoonten (dieet) en het gebruik van andere medicijnen waardoor er veel minder schommelingen ontstaan in de mate van antistolling. De patiënten van ZGV zijn tevreden: het is veilig, gemakkelijker en zij hoeven niet meer te worden gecontroleerd door de trombosedienst. De samenwerking tussen de cardiologen en de trombosedienst is erop gericht in de praktijk te observeren of de conclusies uit grote onderzoeken ook bewaarheid worden in de dagelijkse praktijk in Ede.

Andere ingrepen

Als NOAC-gebruikers een chirurgische of tandheelkundige ingreep moeten ondergaan, is de handelwijze anders dan bij gebruik van VKA’s. Vitamine-K geven voor de ingreep is niet meer nodig. Gezien de korte half waarde tijd is, bij normale nierfunctie, 24 uur van tevoren staken voldoende om het antistollingseffect tegen te gaan.
Terug naar de eerste lijn

De patiënten bezoeken jaarlijks de cardioloog of NOAC-poli voor controle. Op termijn zou de huisarts deze controles kunnen overnemen. De cardioloog moet wel de behandeling starten en het eerste recept uitschrijven maar voor de vervolgrecepten kan de patiënt ook bij de huisarts terecht.

Nieuwsoverzicht
Suggesties?
Complementary Content
${loading}